Carpaal Tunnel Syndroom, fysiek gezien

Bekeken vanuit fysiotherapie en oefentherapie
is het carpaal tunnel syndroom (CTS) een inklemming van de nervus medianus zenuw. Deze zenuw loopt door de carpale tunnel, een smalle ruimte aan de binnenzijde van de pols. Wanneer de druk in deze ruimte vergroot, door bijvoorbeeld vocht, komen pezen en zenuwbanen in de knel, met name dus de nervus medianus. In het plaatje kun je goed zien hoe het in elkaar zit.

De symptomen

CTS geeft vaak pijn, tintelingen en/of een doof gevoel aan de handpalm en in de vingers. Soms kan dit ook gepaard gaan met krachtsverlies van de hand. Meestal neemt de pijn ’s nachts toe of bij repeterende bewegingen waarbij veel gevraagd wordt van de pols/hand.

Wat kun je er aan doen?

De FOI-fysiotherapeut zal tijdens de intake eerst de klachten goed in kaart willen brengen. Vanuit hier wordt een behandelplan opgesteld. Hierbij zal onder andere aandacht besteed worden aan:

  • FOI (functionele osteopathie) onderzoek, tijdens de FOI behandeling wordt er gekeken naar het lichaam in zijn geheel. Omdat het lichaam goed kan compenseren kan het zijn dat het ontstaan van het carpaal tunnel syndroom een gevolg is van een compensatiepatroon in het lichaam. Mogelijk ligt de oorzaak van de klacht dus wel heel ergens anders in het lichaam.
  • Ook is actieve oefentherapie mogelijk, zodat spieren in de juiste conditie en op de juiste manier samenwerken om het lichaam in balans te houden en in de juiste houding te blijven.
  • Ondersteuning met medical tape.
  • Stretchoefeningen voor hand en pols. Waarbij we in het geval van stretchoefeningen vaak kiezen voor een houding vanuit de yinyoga. Het langdurig op rek brengen van het bindweefsel.

Maar hoe kun je nu zomaar aan een CTS komen?

CTS zegt in ieder geval dat er een onbalans is tussen de dingen die je doet of wat je gedaan hebt en de gepaste rust die je het hebt gegeven.

Wat je jezelf kunt afvragen is, gun je jezelf wel de rust om van iets te kunnen herstellen? Of vind je dat één nachtrust voldoende moet zijn?

Als je gewend bent 100% te kunnen vragen van je lichaam, maar het lichaam kan je ondertussen maar 99,9% geven, omdat het gister gedwongen werd 101% te moeten leveren, dan kun je begrijpen dat je lichaam op een achterstandje komt te staan. Zeker als dit een langere periode zo doorgaat en je een karakter hebt van niet-snel-naar-een-dokter-willen-gaan. Als je het hierdoor de klacht te lang aankijkt en te lang wacht, dan kun je over langere termijn steeds meer op een achterstand te komen staan.

Uiteraard heeft je lichaam, in dit geval het gebied van je pols, echt wel een paar keer signaal gegeven om wat rustiger aan te gaan doen. Helaas moet het signaal steeds duidelijker door het lichaam gegeven worden voordat je gaat luisteren. Meestal is het dan een huisarts of een therapeut die moet zeggen dat je het rustiger aan moet gaan doen, vervolgens is het aan jou of je daar dan wel naar luistert 🙂

In de tussentijd is je lichaam druk bezig om bewegingen op te vangen en zich te verhouden, zodat je toch nog wat in beweging en aan het werk kan blijven, dit is dus ook wat de FOI therapeut wil gaan onderzoeken. Wat natuurlijk een interessante vraag is, of de klachten lokaal uit de pols komen, of een compensatie is op een bewegingspatroon van het lichaam? Of is het misschien een ander signaal van het lichaam wat je nog niet herkent en begrijpt?

Hartelijke groet,

Ellen van Wijnen & Martijn van der Werf
Fysiotherapeut & Oefentherapeut Cesar

P.S.: in het volgende blog gaat onze collega Emrik vertellen wat CTS is vanuit het perspectief van Oosterse geneeskunst!